Een ambtenaar blijft zich ondanks diverse waarschuwingen en maatregelen schuldig maken aan plichtsverzuim. Als de ambtenaar zich opnieuw niet aan het verzuimprotocol houdt, is voor zijn werkgever de maat vol en wordt hem een voorwaardelijk strafontslag opgelegd. Niet veel later dient de ambtenaar een declaratieverzoek in dat niet blijkt te kloppen. Zijn werkgever pakt door en legt het strafontslag ten uitvoer. De vraag die bij de Centrale Raad van Beroep eind 2016 voorlag is of de werkgever terecht zo voortvarend heeft gehandeld en het strafontslag zo snel ten uitvoer mocht leggen.

Wat was hier aan de hand?

Een ambtenaar is sinds 1990 in dienst bij de gemeente Schouwen-Duiveland, laatstelijk in de functie van onderhoudsmedewerker. In de periode 2003 tot 2014 maakt deze ambtenaar zich schuldig aan verschillende soorten plichtsverzuim (denk daarbij bijvoorbeeld aan het onrechtmatig gebruiken van een dienstvoertuig). Waarschuwingen in de vorm van schriftelijke berispingen, een opgelegde boete en de inhouding van verlof hebben geen enkel effect op de ambtenaar. Als de ambtenaar (opnieuw) in strijd met het verzuimprotocol handelt, legt zijn werkgever, het college van B&W, aan de ambtenaar een voorwaardelijk strafontslag op met een proeftijd van twee jaar waarin de ambtenaar zich niet aan soortgelijk of ander ernstig plichtsverzuim mag schuldig maken. De ambtenaar heeft tegen het voorwaardelijk ontslagbesluit geen bezwaar gemaakt.

Iets minder dan een maand later dient de ambtenaar een declaratie in voor het verrichten van piketdiensten in de periode 18 september tot en met 25 september 2014. Bij de controle van de declaratie blijkt dat de ambtenaar in deze periode drie dagen ziek was. De ambtenaar stelt dat dit een foutje is geweest en geen bewuste handeling. Het college is ongevoelig voor zijn excuus en beslist naar aanleiding van het onjuiste declaratieverzoek het voorwaardelijk strafontslag ten uitvoer te leggen. De ambtenaar maakt bezwaar tegen het tenuitvoerleggingsbesluit, omdat het college volgens de ambtenaar onvoldoende rekening heeft gehouden met zijn belangen en de verstrekkende gevolgen die het strafontslag voor hem heeft. Na een ongegrondverklaring stelt de ambtenaar beroep en hoger beroep in.

Is de handelwijze van het college te voortvarend?

De vraag is of het college het voorwaardelijk strafontslag terecht ten uitvoer heeft gelegd dan wel of het college te voortvarend heeft gehandeld. Voor de beantwoording van die vraag is het van belang om scherp te hebben hoe het ook alweer zit met het voorwaardelijk strafontslag en de uiteindelijke tenuitvoerlegging daarvan. Dat zijn immers twee aparte besluiten. Wanneer mag een werkgever een voorwaardelijk strafontslag opleggen?

Voorwaardelijk strafontslag

Een ambtenaar die de hem opgelegde verplichtingen niet nakomt of zich overigens aan plichtsverzuim schuldig maakt, kan door zijn werkgever disciplinair worden gestraft. Plichtsverzuim omvat zowel het overtreden van een voorschrift als het doen of nalaten van hetgeen een goed ambtenaar in gelijke omstandigheden behoort te doen of na te laten. Als er sprake is van toerekenbaar plichtsverzuim, dan kan zijn werkgever een disciplinaire maatregel opleggen. De zwaarste disciplinaire maatregel is het geven van een strafontslag.

In de verschillende rechtspositieregelingen is bepaald dat een werkgever ook kan beslissen om bij het opleggen van het strafontslag te bepalen dat deze niet ten uitvoer zal worden gelegd, indien de ambtenaar zich gedurende de bij het opleggen van de straf te bepalen termijn niet schuldig maakt aan soortgelijk plichtsverzuim als waarvoor de bestraffing plaatsvindt, noch aan enig ander ernstig plichtsverzuim. Daarnaast dient de ambtenaar zich te houden aan de bij het opleggen van de straf eventueel te stellen bijzondere voorwaarden. Dit is een zogenoemd voorwaardelijk strafontslag. Maakt de ambtenaar zich in deze proefperiode toch schuldig aan (soortgelijk) plichtsverzuim, dan is de werkgever bevoegd het strafontslag ten uitvoer te leggen.

Doel van het voorwaardelijk strafontslag

Het primaire doel van een voorwaardelijk strafontslag is het bewerkstelligen van een verbetering in het gedrag van de ambtenaar. De maatregel is dus gericht op het toekomstige handelen van de ambtenaar. Wanneer hij zich voortaan gedraagt zoals een goed ambtenaar betaamt, dan zal hij van de straf geen nadeel ondervinden.

Overtreedt de ambtenaar echter de bij het voorwaardelijk strafontslag gestelde voorwaarde binnen de proeftijd, dan kan de werkgever bij apart besluit overgaan tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk strafontslag (met onmiddellijke ingang). Het voorwaardelijk strafontslag wordt dan omgezet in een onvoorwaardelijk strafontslag.

Tenuitvoerlegging voorwaardelijk strafontslag

In tegenstelling tot hetgeen bij de toetsing van een besluit tot het opleggen van een voorwaardelijk strafontslag gebruikelijk is, vindt bij de toetsing van het besluit tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk strafontslag volgens vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep geen evenredigheidstoetsing plaats (zie bijvoorbeeld CRvB 23 november 2006). De rechter toetst slechts of het gepleegde plichtsverzuim uitvoering van de eerder opgelegde voorwaardelijke straf rechtvaardigt (en of dus aan de gestelde voorwaarde is voldaan) en kijkt niet naar de zwaarte van het gepleegde plichtsverzuim. Dit heeft tot gevolg dat een relatief licht plichtsverzuim kan leiden tot de tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk strafontslag.

Als de gestelde voorwaarde is vervuld, zal de rechter wel beoordelen of de voor de tenuitvoerlegging in aanmerking te nemen belangen zijn afgewogen en of in redelijkheid tot die tenuitvoerlegging kon worden gekomen. Het karakter van een besluit tot tenuitvoerlegging brengt echter mee dat deze belangenafweging slechts van beperkte betekenis is. Volgens vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep kan alleen onder bijzondere omstandigheden van een bestuursorgaan worden verlangd dat het afziet van tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk strafontslag in een geval waarin de voorwaarde voor die tenuitvoerlegging is vervuld (zie bijvoorbeeld CRvB 8 december 2011).

Oordeel van de Centrale Raad van Beroep

De Centrale Raad van Beroep dient in deze zaak dus te beoordelen of de gestelde voorwaarde voor de tenuitvoerlegging is vervuld, en zo ja, of voor die tenuitvoerlegging de te nemen belangen zijn afgewogen en of in redelijkheid tot die tenuitvoerlegging kon worden gekomen.

De Raad heeft in dit geval geoordeeld dat de gestelde voorwaarde is vervuld, omdat de ambtenaar zich heeft schuldig gemaakt aan ernstig plichtsverzuim door een declaratie in te dienen voor piketdiensten op dagen dat hij ziek was.

Aan het betoog van de ambtenaar dat het college zijn belangen onvoldoende heeft meegewogen, gaat de Raad voorbij. Er is volgens de Raad geen sprake van bijzondere omstandigheden die maken dat van het strafontslag moet worden afgezien. Weliswaar is bij de ambtenaar sprake van moeilijke persoonlijke omstandigheden en een langdurig dienstverband, maar hier staat naar het oordeel van de Raad tegenover dat de ambtenaar zich vele malen aan plichtsverzuim en aanverwant gedrag schuldig heeft gemaakt, waarbij hij meermalen is gewaarschuwd voor zwaardere straffen en veelvuldig met hem is gesproken. Aangezien de ambtenaar zich kort na het opleggen van het voorwaardelijk strafontslag weer aan plichtsverzuim schuldig heeft gemaakt, kon van het college niet worden verlangd af te zien van tenuitvoerlegging daarvan, aldus de conclusie van de Raad.

Tip: formuleer heldere voorwaarden in het ontslagbesluit.

In dit geval was de voorwaarde dat betrokkene zich niet aan soortgelijk of ander ernstig plichtsverzuim mocht schuldig maken voldoende. Zorg ervoor dat de voorwaarden in het voorwaardelijk strafontslagbesluit helder geformuleerd en niet voor meerdere uitleg vatbaar zijn. Op die manier voorkom je een discussie op het moment dat het strafontslag ten uitvoer wordt gelegd: niet alleen op de werkvloer, maar ook later in een eventuele juridische procedure.

Bron:

CRvB 24 november 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:4490

Share This