Plotsklaps werden de pensioenen van twee werknemers niet meer geïndexeerd. Dit kon toch niet zomaar? Hadden zij geen recht op onvoorwaardelijke indexering? In een uitspraak van het hof Den Bosch van 7 januari 2020 stond de vraag centraal of het pensioenreglement een voorwaardelijk of onvoorwaardelijk recht op indexering gaf. Wilt u weten hoe het hof over deze kwestie oordeelde? Lees dan verder!

 

Wat speelde er?

De twee werknemers in kwestie waren in dienst bij de divisie PCMS van Philips en namen deel aan de pensioenregeling van Stichting Pensioenfonds Philips (PPF). Deze pensioenregeling bevatte een voorwaardelijk recht op indexering. Nadat het bedrijf Jabil Circuit Netherlands B.V. (Jabil) PCMS in 2002 had overgenomen, zijn de werknemers van rechtswege overgegaan naar Jabil. Met Jabil waren zij overeengekomen dat zij gingen deelnemen aan een pensioenregeling die materieel volledig vergelijkbaar was met de pensioenregeling van PPF.

Nadat beide werknemers bij Jabil uit dienst waren getreden, kwamen zij erachter dat met ingang van 1 januari 2013 geen indexering van hun premievrije aanspraken en, later, pensioenen meer had plaatsgevonden. Beide werknemers waren het hier niet mee eens en maakten de gang naar de kantonrechter. Bij de kantonrechter vorderden zij onder meer om Jabil te veroordelen tot het betalen van de jaarlijkse onvoorwaardelijke indexering vanaf 1 januari 2013. De kantonrechter wees de vorderingen van werknemers af, omdat – kort gezegd – het pensioenreglement van Jabil geen onvoorwaardelijk recht op indexering gaf. Hierop is door de werknemers hoger beroep ingesteld.

 

Oordeel van het hof

Volgens het hof bevat zowel het pensioenreglement van PPF als het nieuwe pensioenreglement van Jabil een voorwaardelijk recht op indexering. Naar het oordeel van het hof houdt het voorwaardelijk recht een inspanningsverplichting van Jabil in om de kans op indexering in financiële zin mogelijk te maken. Jabil heeft daar tot 1 januari 2013 invulling aan gegeven. Het hof moet beslissen wat Jabil uit hoofde van de pensioenovereenkomst met ingang van 1 januari 2013 in financiële zin moet doen om indexering van de pensioenen van beide werknemers door de pensioenuitvoerder mogelijk te maken. Om hierover te kunnen beslissen gelast het hof een comparitie van partijen om nadere inlichtingen te verkrijgen (en mogelijk een minnelijke regeling te beproeven).

 

Wat is indexering?

In deze zaak staat de vraag centraal of de (nieuwe) pensioenregeling een voorwaardelijk of onvoorwaardelijk recht geeft op indexering. Maar wat houdt indexering eigenlijk in? Indexering is simpel gezegd het ‘verhogen’ van het pensioen op basis van de stijging van de prijzen of de lonen. Dit wordt ook wel toeslagverlening genoemd. Bij voorwaardelijke indexering wordt het pensioen slechts verhoogd als bepaalde voorwaarden zijn vervuld, zoals het beschikbaar zijn van voldoende financiële middelen. Bij onvoorwaardelijke indexering wordt het pensioen in alle omstandigheden verhoogd. Hierbij wordt vaak gekeken naar de Consumentenprijsindex van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

 

Wel of geen voorwaardelijk indexatierecht?

Gelet op de afspraak dat de pensioenregeling gelijk zou blijven aan de oude regeling waarin een voorwaardelijk recht was opgenomen, verbaast het niet dat de kantonrechter en het hof concluderen dat hier sprake is van een voorwaardelijk indexatierecht. Toch had die conclusie ook anders kunnen luiden, nu in het pensioenreglement niet duidelijk is vastgelegd dat sprake is van een voorwaardelijk recht op indexering en welke voorwaarden daarvoor gelden. Dat laatste maakt dat het hof nu moet gaan invullen welke verplichtingen de werkgever nog heeft voor de periode vanaf 1 januari 2013. Als de voorwaarden voor indexering duidelijk waren vastgelegd, was het hof daaraan niet meer toegekomen.

Werkgevers let dus op: als een pensioenregeling niet duidelijk bepaalt onder welke voorwaarden de pensioenaanspraken of pensioenrechten worden geïndexeerd, dan kan dat leiden tot ongewenste (inspannings)verplichtingen.

Bron: Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 7 januari 2020, ECLI:NL:GHSHE:2020:8

Share This