Heeft de vakbond die partij is bij een cao een zelfstandig vorderingsrecht?

Heeft de vakbond die partij is bij een cao een zelfstandig vorderingsrecht?

De Hoge Raad oordeelde op 22 juni 2018 dat een werknemersorganisatie die partij is bij een cao, als contractspartij uit eigen hoofde nakoming kan vorderen van in die cao opgenomen verplichtingen van een werkgever. Die vordering kan gericht worden zowel tegen een werkgeversorganisatie die partij is bij de cao als tegen individuele leden daarvan. Daarvoor is niet vereist dat er werknemers zijn die bezwaar hebben tegen de niet-nakoming van hun werkgever.

Meer weten over deze uitspraak? Lees mijn blog hierover op Cassatieblog.nl

Toekenning billijke vergoeding art. 7:683 lid 3 BW niet verplicht

Toekenning billijke vergoeding art. 7:683 lid 3 BW niet verplicht

De Hoge Raad heeft op 8 juni jl. geoordeeld over de billijke vergoeding uit art. 7:683 lid 3 BW. Op grond van deze bepaling kan de appelrechter de werkgever veroordelen de arbeidsovereenkomst te herstellen of aan de werknemer een billijke vergoeding toekennen, als hij oordeelt dat de kantonrechter de arbeidsovereenkomst ten onrechte heeft ontbonden.

In cassatie waren twee vragen aan de orde:

  1. Is de appelrechter verplicht een billijke vergoeding toe te kennen, als hij afziet van het bevelen van het herstel van de arbeidsovereenkomst?
    • De Hoge Raad oordeelt van niet. Een dergelijke verplichting volgt noch uit de wettekst, noch uit de wetsgeschiedenis. De appelrechter moet zijn beslissing wel motiveren.
  2. Hoe moet de hoogte van de billijke vergoeding worden bepaald?
    • De Hoge Raad overweegt dat bij deze grond niet vereist is dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Bij de begroting moet de rechter de omstandigheden van het geval in aanmerking nemen, waaronder de gevolgen voor de werknemer en de (mate) van eventuele verwijtbaarheid van de werkgever. Daarnaast kunnen ook de overige gezichtspunten uit de ‘New Hairstyle-beschikking’ toepassing vinden.

Meer weten over deze uitspraak? Lees mijn blog hierover op Cassatieblog.nl

Besluit Holland Casino tot omvorming van stichting naar NV redelijk

Besluit Holland Casino tot omvorming van stichting naar NV redelijk

De Hoge Raad heeft op 18 mei 2018 geoordeeld in een zaak tussen Holland Casino en haar ondernemingsraad (OR). Holland Casino had haar OR advies gevraagd over een voorgenomen besluit tot omvorming van Holland Casino van een stichting naar een NV. In afwijking van het negatief advies van de OR, heeft Holland Casino een besluit genomen in overeenstemming met het voorgenomen besluit. Mocht dit?

De Ondernemingskamer oordeelde van wel en de Hoge Raad laat dit oordeel in stand. Daarbij overweegt de Hoge Raad (onder meer) dat de Ondernemingskamer (slechts) marginaal toetst of de ondernemer bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen (art. 26 lid 4 WOR). De OR kan slechts beroep instellen op grond van bezwaren die in zijn advies zijn opgenomen, tenzij de bezwaren voortvloeien uit feiten en omstandigheden die de OR destijds niet kende of behoefde te kennen, of als wezenlijke gebreken kleven aan de adviesaanvraag.

Meer weten over deze uitspraak? Lees verder op Cassatieblog.nl

De ZZP’er: van VAR via Wet DBA naar de opdrachtgeversverklaring

De ZZP’er: van VAR via Wet DBA naar de opdrachtgeversverklaring

Zzp’ers. Ze zijn vaak in het nieuws en dat is niet voor niets: de wetgeving die hun positie regelt is aan veel verandering onderhevig. In het Regeerakkoord ‘Vertrouwen in de toekomst’ van 10 oktober 2017 heeft het Kabinet-Rutte III het voornemen geuit om de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA) te vervangen, die op haar beurt in de plaats kwam voor de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR). Het kabinet wil in plaats daarvan een opdrachtgeversverklaring introduceren. Wat zijn de verschillen met de VAR en de Wet DBA? En wat is de huidige stand van zaken? (meer…)